Het ABC van ESC (8): De H van Hallelujah

In deze zomerse reeks proberen we het Eurovisiesongfestival
te definiëren aan de hand van het alfabet en vandaag zijn we aanbeland bij de
letter H…
We zouden het dus over Hongarije kunnen hebben… Een land dat
er in 1994 bijkwam, sindsdien al 13 inzendingen stuurde en al vier keer de top
10 bereikte…
Maar interessanter is de H van “Hallelujah”… Uiteraard het
winnend nummer uit 1979, maar ook een religieuze uitspraak… “Hallelujah” komt immers
uit het Hebreeuws en betekent zoveel als “Heil aan God”. Hoe zit dat eigenlijk
met religie en het songfestival? Hoewel het Eurovisiesongfestival religieus en
politiek neutraal moet zijn, hebben een aantal landen in de loop der jaren deze
regel wel al geschonden. Israël op kop!
Als lid van de EBU mag Israël deelnemen aan het
songfestival, zelfs al ligt het land geografisch gezien niet in Europa. Ze
kwamen erbij in 1973 en de eerste inzendingen gingen allemaal over de liefde
tot “Hallelujah” daar in 1979 verandering in bracht. Of de religieuze inhoud de
jury’s had beïnvloed kunnen we niet weten; feit is dat Israël het gastland was (wat
toen sowieso extra aandacht kreeg) en ook een sterke en originele performance
neerzette.
In 1983 zou Israël de politieke toer opgaan. “Hi” van Ofra
Haza gaat over het blijven rechtstaan, zelfs al iedereen tegen je is, maar dat
ging niet over Ofra zelf, dan wel over de staat Israël en het joodse volk. Het
werd dus duidelijk politiek! Maar dat is misschien iets voor de P…
Vanaf 1985 ontdekte Israël dat je naast politiek en religie
ook nog over wereldvrede kan zingen. “Olé Olé” van Izhar Cohen (die in 1978 had
gewonnen met “A-ba-ni-bi”) gaat over het geluk dat mensen kunnen ervaren als de
hele wereld samen zou zingen. En we waren vertrokken… Na nog een oproep tot
wereldvrede in 1986, ging Israël religie en wereldvrede aan elkaar koppelen in
1988: “Ben-Adam” was immers een volgens de bijbel mannelijke persoon die juist
leeft. Vrouwen en goed leven gaan dus al niet samen. Een jaar later haalden
Gili en Galit er opnieuw de bijbel bij wanneer ze “Derekh Hamelekh” zongen, wat
zoveel betekent als “De weg van de koning”. Die koning was uiteraard koning
David. In 1991 zou “Kan” van Duo Datz teruggrijpen naar het Oude Testament en de
geschiedenis van het joodse volk die zoveel duizenden jaren had rondgezworven.
Een religieus hoogtepunt kwam er in 1995 toen Liora “Amen”
zong, een gebed aan God gericht waarbij de zangeres Hem bedankt voor alle
bescherming die het joodse volk mag ontvangen. De Nederlandse commentator toen,
Paul de Leeuw, kon het lied niet smaken. Hij noemde de inzending “een liedje
dat je misselijk maakt van blijdschap”. Na het optreden brak hij pas echt los:
“Ik weet niet wat het is, maar ik word hier zo agressief van” en “Er komen
broden en vissen naar beneden in de zaal. Er worden nu ook Bijbeltjes
uitgedeeld. Ik denk dat de hele familie Binnendijk als een gek op tafel staat
te jubbelen. Gatverdamme. Het is heel klef. Ik ga ze slaan. Ik ga u in ieder
geval vertellen dat ik het een kutnummer vind!”. Hij verliet toen het
commentatorshokje en liet Malta zonder introductie starten.
Na nog wat politieke statements in 2000 en 2002, kwam Israël
in 2004 met “Leha’amim” oftewel “Geloven” van David D’Or. Hoewel het eigenlijk
ging over geloven in de goedheid van de mens, maakten de biddende
handbewegingen van de achtergrondzangers het wel bijzonder religieus. Twee jaar
later ging Israël zelfs de gospeltoer op met Eddie Butler. En de EBU liet het
allemaal toe.
Israël is uiteraard niet het enige land dat ooit zijn
toevlucht nam tot religie. Griekenland bijvoorbeeld had in 1976 Mariza Koch
naar het songfestival in Den Haag gestuurd. In het nummer “Panagia mou, panagia
mou” (“Mijn hoogheid, mijn hoogheid”) vraagt ze de Heilige Maagd Maria de
Cyprioten te steunen. Turkije had immers na een burgeroorlog een deel van
Cyprus bezet. (Iets wat nog altijd het geval is.) Hier werd religie dus
gebruikt als politiek statement!
In 2005 kloeg de #2 Malta trouwens bij de EBU over o.a.
Griekenland (dat toen won) dat voordeel zou halen door veel punten te krijgen
van andere landen waar de orthodoxe Kerk in de meerderheid was. Onderzoek heeft
aangetoond dat religie hoogstwaarschijnlijk geen invloed heeft op het
stemgedrag van mensen. Zo blijkt ook uit de stemanalyse van Bosnië, Macedonië
en Turkije (3 landen die overwegend moslim zijn) dat ze elkaar niet bevoordelen.
Het feit dat bijvoorbeeld Griekenland en Turkije elkaar niet goed gezind zijn
op gebied van punten, heeft in de eerste plaats niets te maken met het verschil
in godsdienst.

Tot slot blijft het meest religieuze land van Europa over:
Vaticaanstad. Als lid van de EBU zou ook dit land ooit op het songfestival
kunnen verschijnen. Of dat zou betekenen dat alle katholieken in heel Europa dan
massaal ervoor zouden stemmen, valt nog te betwijfelen. Het lijkt trouwens ook
bijzonder onrealistisch dat het land iemand naar het songfestival zou sturen.
Tenzij paus Franciscus echt voor een totale verandering wil gaan… Dat zou pas
“Hallelujah” zijn!

Geef een reactie

This website uses cookies. By continuing to use this site, you accept our use of cookies.